Stenen getuigen uit de grote tijd van Emden. Het Emder grafzerkenproject.
Het is een enigszins barok aandoende projecttitel, zoals bij boeken uit de zestiende tot de achttiende eeuw met titels als "Begrafeniscultuur als bron van geschiedenis: De grafzerken uit de zestiende tot de achttiende eeuw uit de buiten gebruik gestelde gereformeerde kerken in Emden. De collectie in het Ostfriesischen Landesmuseum Emden en haar betekenis en sociologische perspectief op de kunst- en stadsgeschiedenis". Wat er achter de stenen voor de doden zit, is de levende geschiedenis van de stad Emden uit de absolute bloeitijd van deze Oost-Friese stad. Emden werd mede door de komst van gereformeerde geloofsvluchtelingen een van de belangrijkste metropolen in het noordwesten van Duitsland. De stad is dat zelfs in twee opzichten. Voordat deze aspecten worden besproken, is het belangrijk om het project en de nieuwste historische achtergronden kort te introduceren.
Afbeelding 1: Uit brokstukken samengestelde zerk.
Het Ostfriesischen Landesmuseum Emden is samen met het Niedersächsischen Landesamt für Denkmalspflege (NLD)[1] als door de staat gefinancierde projectpartner verantwoordelijk voor het onderzoeksproject dat geleid wordt door Annette Kanzenbach (Emden) en door Ulrich Knufinke van de NLD. Het project wordt gefinancierd door het onderzoeksprogramma "Pro*Niedersachsen: Cultureel erfgoed - Onderzoek en Communicatie in heel Nedersaksen". Geassocieerde partners zijn het Ostfrieschische Landschaft, evenals staatsautoriteiten, instituten, archieven en stichtingen waarmee al een levendige uitwisseling bestaat.
Trieste achtergrond is de bijna complete vernietiging van Emden in de Tweede Wereldoorlog; de geallieerde bommen troffen in 1944 ook de Grote Kerk en de Nieuwe Kerk. De Gasthuiskerk was al in 1938 afgebrand. De grafmonumenten, vooral grafzerken, werden door vallende onderdelen beschadigd of gebroken (afbeeldingen 2 en 3). Bij het verwijderen van het puin zijn de resten van de zerken slechts gedeeltelijk geborgen. Tot het jaar 2000 bevonden de resten zich op het gemeentelijke bouwterrein en werden daarna naar een buitenlocatie van het museum in stadsdeel Borssum gebracht. Ook de grafzerken van het oude kerkhof van Nesserländ in het zuiden van de stad werden in hetzelfde jaar hier naar toegebracht. Zeer weinig stukken zijn volledig bewaard gebleven; van de meeste van de ongeveer 80 grafzerken bestaan uit in totaal ongeveer 500 fragmenten.
Afbeelding 2 en 3: Grafzerk voor Junker Bolo Bolardus (1566–1611/12) en zijn vrouw Anna Grauverts (geb. ca. 1570). Historische fotografie uit 1934 en een actuele foto.
Deze objecten, ook al zijn ze in stukken gebroken, vormen desondanks een waardevolle en laatste bron van geschiedenis van het bloeiende Emden uit een tijd waarvan nauwelijks iets anders bewaard is gebleven. Oost-Friesland en zijn grootste nederzetting werden in de zestiende eeuw gekenmerkt door godsdiensttolerantie en vormde daarom een aantrekkelijke plek van aantrekkingskracht en vluchtoord voor tienduizenden religieuze vluchtelingen uit de door Spanje bezette Nederlanden. Vaak waren deze vluchtelingen kooplieden uit de cultureel en economisch hoogontwikkelde steden in de zuidelijke Nederlanden, zoals bijvoorbeeld Antwerpen. Hun ervaring en zakelijke connecties bewezen zich in hun nieuwe vaderland, waarin ze snel integreerden, als enorm waardevol. Binnen korte tijd werd Emden een belangrijk handelscentrum, wat zo bleef tot ver na de zestiende eeuw. De ontwikkeling van Emden ging hand in hand met de confessionele voorkeur die uitging naar het calvinisme. Vanaf 1575, onder predikant Menso Alting (1541–1612) werd het calvinisme de belangrijkste geloofsstroming in Emden. Als gevolg hiervan maakte de stad zich in 1595 los van de lutherse heerschappij in Oost-Friesland. Zonder deze twee aspecten, de economische en de geloofsvoorkeur zou Emden niet zo’n Gouden Tijd tegemoet zijn gegaan in de vroegmoderne tijd. De ontvangst van religieuze vluchtelingen bleek al snel een zegen voor de stad en de regio.
De talrijke kerken in Emden, zoals ook in andere gebieden waren protestants geworden en werden ingericht volgens de wensen van het nieuwe geloof. Maar de kerken bleven ook begraafplaatsen waarin de rijke en invloedrijke calvinistische burgers zich lieten begraven. Hoewel er in Oost-Friesland nauwelijks natuursteen voorkomt, zeker niet van formaat of kwaliteit, werd de natuursteen waarschijnlijk uit België en via de Neder-Rijn geïmporteerd. Begaafde steenhouwers en beeldhouwers maakten daarmee in Emden hoogwaardige monumenten met sculpturen en aanduidingen van de begravene die verder gaan dan hun functie als louter grafsteen.
Afbeelding 4: De verschillende onderdelen konden, liggend op verschillende pallets, al deels op het oog weer samengesteld worden.
De zerken dienden zowel om een zelfbewuste presentatie van de eigen status als voor het eren van de overledene. De stenen zijn door de inscripties te identificeren als persoonlijke identiteitskaarten die moesten getuigen van de vroomheid van de overledene, zowel als de hoop op een wederopstanding belichaamden. Veel van de grafzerken zijn van uitstekende kwaliteit, met unieke ontwerpen en zijn voorzien van weelderige decoraties.
Het is des te pijnlijker dat bijna geen van deze speciale getuigenissen uit de economische hoogtijdagen van Emden uit de zestiende tot de achttiende eeuw de bombardementen en hun gevolgen goed doorstaan hebben. Het effect van de decennialange blootstelling aan weer en wind, naast de diverse transportoperaties, hebben ook niet bijgedragen aan het behoud. Het kan niet genoeg benadrukt worden dat deze objecten behoren tot de weinige authentieke relicten van de gouden periode van Emden en de hele regio. De herwaardering van deze laatste historische bron is daarom van essentieel belang, vooral omdat ze nieuwe inzichten creëren voor de wetenschap en genealogisch onderzoek.
Het project, dat op 1 september 2024 van start ging, liep bijna anderhalf jaar en in die tijd zijn door de auteurs in nauwe samenwerking met het projectmanagement in eerste instantie alle gegevens verwerkt. Er zijn digitale opnamen gemaakt van de zerken, de namen, wapenschilden, de regionaal typische huismerken, inscripties, symbolen en informatie over het materiaal en het uiterlijk (afbeeldingen 4 en 5) zijn alle vastgelegd. Verder zijn in samenwerking met steenrestaurateurs concepten voor het behoud opgesteld.
Afbeelding 5: Door de zerken te bevochtigen konden de opschriften beter leesbaar worden gemaakt.
In de tweede stap is een selectie gemaakt van speciale representatieve en betekenisvolle objecten. Daarbij zijn de zerken vergeleken met historische bronnen en is onderzoek gedaan naar de families en individuen en hun belang in de kerkelijke en stedelijke context.
De resultaten werden alle verwerkt en gepubliceerd. Er is een brochure in druk verschenen en er is een opname van de gegevens gepland in de digitale monumentenatlas van Nedersaksen van de NLD. Afsluitend zijn nog maatregelen bedacht om de gerestaureerde objecten weer op duurzame wijze in het stadsbeeld zichtbaar te maken. De huidige activiteiten omvatten daarom ook de voorbereiding van de herintegratie van deze unieke Emdense culturele monumenten in het algemene bewustzijn van de stad en hun burgers. In februari 2025 vond al een workshop plaats met experts uit Duitsland en Nederland waarbij de resultaten besproken werden en ervaringen gedeeld. In april 2026 zijn de projectresultaten gepresenteerd op een nationale conferentie in Emden.
Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het Duits in Archeologie in Niedersachsen, band 28, 2025 met als titel: Aktueller Schwerpunkt: Frühmittelalter in Niedersachsen. Vertaald door Leon Bok.
[1] Te vergelijken met de Nederlandse Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.




