Als bloemen bij het graf

Heike Berends Wiersema, overleden in 1896 en Trijntje Ubbens, overleden in 1916
Op het kerkhof van de aan de heilige Nicolaas gewijde kerk van Oldenzijl treffen we een aantal zerken en een enkele stèle die voorzien zijn van grafpoëzie. Het dorp kent een eeuwenoude geschiedenis. Reeds in de elfde eeuw vestigden zich op de plek van het huidige dorp de eerste boeren op zogenaamde huiswierden. In de eerste helft van de dertiende eeuw verrees op de kerkwierde de romaanse Nicolaaskerk, een hoogtepunt van romaanse bouwkunst.

Hedzer Castelein 13-02-1889 - 29-08-1915
Het contrast kan niet groter zijn in Wergaa. Het urinoir aan de Wargaastervaart is voorzien van een zeventiende-eeuwse grafzerk als toegangspad. De oprichting in de vorige eeuw van deze stenen “krul”, zal op grond van die geplaatste grafzerk wel zijn geschied in opdracht van de kerkvoogdij voor het mannelijk deel van de kerkgangers met hoge nood. Niet het lot dat je zo’n zerk toewenst, al zijn er voorbeelden te over, die aantonen hoe weinig zorgvuldig men soms omging met funerair erfgoed.

Geertje Aebes Idsardi-Kennema, overleden 3 mei 1844, bijna 64 jaar oud.
Hoewel eeuwenlang de christelijke kerken bolwerken van mannen waren en soms nog zijn, waren het al in de aanvang vrouwen die een belangrijke plaats innamen. Men hoeft maar te denken aan Maria, de moeder van Jezus en Maria van Magdala (ook bekend als Maria Magdalena), één van de eerste getuigen van de opstanding van Christus.

Zou het de invloed zijn geweest van een rederijkerskamer bij het schrijven van het grafdicht dat we aantreffen op de gemeentelijke begraafplaats te Diever? Sinds 1850 waren er in Drenthe op diverse plaatsen rederijkerskamers ontstaan. Zo ook in Diever. Opgericht door onderwijzers en predikanten stonden de rederijkerskamers voor culturele ontwikkeling van de leden in d’ Olde Lantschap.

Op de begraafplaats van Kolham trekken een drietal stèles de aandacht vanwege de inhoud van de grafdichten. Deze grafdichten maken ons deelgenoot van een paar menselijke drama’s en dientengevolge diep verdriet in de families van de overledenen.

Hindrik Tiemens Dolfijn
* 22-10-1788 † 29-09-1870
Op de achterzijde van de stèle van Hendrik T. Dolfijn, rustend landbouwer te Thesinge, lezen we:
INDIEN WIJ NA EEN
WERKZAAM LEVEN
VAN HIER GAAN NAAR
DE EEUWIGHEID,
DAN MOGE BLIJKEN
DAT ONS STREVEN
ONS WERKEN WAS
TOT ZALIGHEID!
DAT GEVE GOD ONS
UIT GENA,
WANNEER WIJ STER-
VEN VROEG OF SPA!

Het echtpaar Schürer-Rinzema
overleden 1855 en 1888
Het kerkhof van de hervormde kerk te Surhuisterveen is rijkelijk voorzien van grafpoëzie. De stèles voor het echtpaar Schürer-Rinzema, tegen de muur van de kerk, zijn elk voorzien van een grafdicht, waaruit ons al veel van hun levensgeschiedenis duidelijk wordt. Wanneer Elizabeth Teunis Rinzema overlijdt op 15 maart 1855, is zij 60 jaar oud. Het echtpaar had acht kinderen, van wie er, getuige de tekst op haar stèle, vijf getrouwd waren.

Johan Bloemendal
geb. 3 februari 1882 en overleden 17 juni 1909
De Joodse begraafplaats van Winschoten aan de Sint Vitusholt herinnert aan een grote Joodse gemeenschap in Noord-Nederland vóór de Tweede Wereldoorlog. Op deze begraafplaats treffen we op het grafmonument voor Johan Bloemendal een grafdicht aan.
Johan, zoon van Izak Marcus Bloemendal en Rozette Polak, was 27 jaar toen hij in 1909 overleed.

Op het graf van JAN VAN DIEN (1904-1965)
GEMEENTE WERKMAN
JARENLANG HIELD IK ELKE NACHT
IN DIT DORP GESTAAG DE WACHT
EN ALS TUINMAN AANGESTELD
WAS HOF EN TUIN MIJN ARBEIDSVELD
EN SLOOT DE DOOD EEN LEVEN AF
DAN MAAKTE IK HET KILLE GRAF
WANT IK WAS HIER
DE LAATSTE NACHTWAKER
DE EERSTE HOVENIER
EN TEVENS GRAFMAKER

Aan de nagedachtenis
van onzen beminden vader
Melle Melles Pott
0verleden 29 Aug. 1865
in den ouderdom
van 94 jaren
en ruim 6 maanden
Dit plekjen
is ons groot van waarde.
Hier rust het stoflijk
deel in de aarde,
Van onzen edlen
vader Pott.
Maar ’t graf kan geen
vertroosting geven.
Wij voeden,
om zijn Christ’lijk leven,
De hoop
dat hij thans leeft bij God.
Zijne kinderen